Dat ga ik tegen mijn moeder zeggen! Hoorde ik haar in volle overtuiging van veraf tegen haar vriendinnetje gillen. ‘Oke, hier heb je het!’ schoot haar vriendinnetje direct in de verdediging. Het werkt kennelijk iedere keer weer. Je moeder erbij halen om je vrienden eeuwig het zwijgen op te leggen. Om hen op hun knieën te dwingen, bang te maken en om hen alles te laten doen waar jij zin in hebt.

Het klinkt lang geleden dat ik hier zelf mee gedreigd heb. Ik kan me geen situatie meer herinneren en eigenlijk ook niet dat het me hielp. ‘Je mag niet klikken’ was het antwoord van mijn moeder steevast en meestal eindigde het met zoiets als: ‘los het zelf maar op!’

Mijn dochter daarentegen zet het met enige regelmaat in tegen haar vriendinnetjes. En haar vriendinnetjes reageren daarop zo angstig alsof ze zojuist de hulplijn van een monster heeft ingeschakeld. Ik weet eigenlijk niet wat ik erger vind. Het dreigen van haar om mij in te schakelen, of de angst op de gezichtjes van haar vriendinnen bij het idee alleen al. Vandaag wilde ik het eens gaan afkappen, maar hoe kap je zoiets af? Eigenlijk vind ik het ook wel schattig dat ze me soms zo hard nodig heeft. En zeg zelf, wat is er nou fijner om keihard door de buurt te brullen dat je je moeder erbij gaat halen. Oke, misschien staat het stom als je dit nog steeds doet als je zestien bent, maar dat duurt nog tien jaar! Technisch gezien heb ik dus nog even de tijd om haar dit af te leren. Ik twijfel. Dan bemoeit een ander stemmetje in mijn hoofd zich met de discussie. “Waarom zou je het haar afleren? zegt het stemmetje.. Als ze zestien is wil je het ook haar weer aanleren, want juist dan is het belangrijk dat je ze hulp durft in te schakelen”..

Dat is ook waar.

Onder het avondeten praten we er toch over. Ik vertel haar dat het me opvalt dat ze vaak mijn naam noemt in de vorm van een dreigement en wil van haar weten op welke manier ik het best naar buiten kan komen rennen. Stampvoetend? Met een woedend gezicht? Moet ik haar vriendinnen slaan? Straf geven? Op de trap zetten? Hun speelgoed afpakken? Met hun ouders gaan praten? Naar de politie? Moet ik ze in de gevangenis stoppen? Ze kijkt me verbaasd aan. En hoe kan ik het best naar buiten komen rennen vraag ik haar verder uit. Met een woest hoofd? Brullend? Met mijn haar in de krul? Of met een berenpak aan? Ze moet er vreselijk om lachen. “Nee mam! anders worden ze bang!”, antwoord ze lachend. Ja, maar dat is toch je bedoeling? vraag ik onnozel. ‘Ja maar Carlijn wilde mijn fiets niet teruggeven en toen’..
Ja en toen? Toen riep je: Ik ga mijn moeder erbij halen? Moet ik dan achter de fiets aan gaan hollen en je vriendin laten struikelen?
‘Nee, mam, je moet het oplossen!’
Aha..nou zeg dat dan voortaan! Dat klinkt namelijk veel fijner. De volgende keer als er iets is, dan zeg je tegen je vriendinnen: ‘Laten we het samen met mijn moeder oplossen!, zullen we zoiets afspreken?
Ze knikt en al snel gaat het onderwerp over hele andere dingen.

De volgende dag sta ik nietsvermoedend de vaatwasser in te ruimen en hoor ik haar schreeuwen op het pleintje. ‘Carlijn geef mijn bal terug anders gaat mijn moeder jou oplossen!!!!! ‘
‘Hier heb je hem al!’, hoor ik het geïntimideerde vriendinnetje geschrokken antwoorden.

Advertenties