Eerlijk gezegd bleef ik thuis omdat ik Jan Roos lelijk vind. Wat is die man zeldzaam afstotelijk.  Jawel, dat mag ook heus wel eens gezegd worden. Dergelijke kritiek overkomt vrouwen dagelijks, dus dan ook Jan Roos maar eens tegen het licht. Als ik al een referendum zou willen organiseren dan misschien- én uit satire wel één met de vraag of de rest van Nederland hem ook zo knap of uber lelijk vindt? En dan heb ik het nog niet eens over zijn uiterlijk, want smaken verschillen. Bovendien zijn er vast horden mensen die zijn opmerkelijk gevormde neusje woest aantrekkelijk vinden, zijn brilletje vet kek en heerlijk zouden kunnen weg dromen in de weerspiegeling van zijn glazige en spotterige oogjes.

Ik oordeel dus liever over zijn innerlijk, want daar gaat het om in het beoordelen van mensen. Zoals hij zelf altijd zo guitig verwoordt: het nodeloos kwetsende deel in hem. Dat vind ik dus stront lelijk. De rest is hooguit een ontsierende bijzaak. Wat ik trouwens ook wanstaltig aan hem vind is dat het altijd ongenuanceerd en tendentieus moet zijn. Jan Roos als de zwerende vinger op het Nederlandse internet. De stuwende kracht achter de zure onvrede en de nijdige onderbuikgevoelens van voornamelijk pigmentloze mannen. De onderbuik van iedereen die een bloedhekel heeft aan anderen. De onaantrekkelijke belichaming van een populaire afvoerput waarin dagelijks de kieren en goten van de samenleving worden afgestruind op zoek naar personen die verbaal onthoofd- of wiens eer makkelijk geschonden kan worden. Over die misvorming heb ik het dus.

Daarom ging ik niet. Ik wilde niet. Niet in opdracht van hem. Alles wat uit die man komt is naar. Nog nooit heb ik hem iets aangenaams horen zeggen. Ik kan me niet herinneren hem ooit een migrant met respect behandeld te zien hebben. God wat had hij zijn muiltje vol over de aanrandingen in Keulen, terwijl hij nog geen maand eerder op de huishoudbeurs een vrouw ongewenst in haar borsten kneep.  Maar toen was het nog leuk vond hij zelf, en zijn camera’s draaide lieflijk mee, dus was het satire.

Dus toen hij met zijn busje het binnenhof op draaide, dacht ik nog: No way! Mijn emotie ging volledig met me op de loop. Alsof je eerst jaren door je vader in elkaar geslagen bent om daarna een pedagogisch advies van hem te krijgen. Dat werkt niet. Ik ging in het verzet en besloot niet aan die poppenkast mee te gaan doen. Ook hoopte ik tegen beter weten in dat niemand naar de stembus zou gaan. Met als resultaat dat hij nu heeft gewonnen. Door mij hé! want mijn stem ligt nog op de keukentafel. En omdat velen met mij ook niet helder bleven nadenken. En daar baal ik verschrikkelijk van.

Aan de andere kant heeft Jantje Roos me nu wel geleerd dat je nooit, maar dan ook nooit! je stem op de keukentafel mag laten liggen. Niemand anders dan Jan leerde me dat strategisch ‘niet’ stemmen veel erger is dan strategisch ‘wel’ stemmen. Al is mijn nieuwe inzicht voor Oekraïne nu een beetje te laat. Dus al is het wat moeizaam allemaal, toch de hartelijke felicitaties aan het adres van Jan Roos en zijn nodeloos kwetsende aanhang. Wat hij deed, deed niemand eerder. Hij gaf samen met zijn team mensen een keus. Hij gaf democratie een extra laagje geloofwaardigheid. Hij gaf de zwijgende meerderheid een flink pak slaag en liet intellectueel Nederland mentaal vast draaien. Hij wist zich razend snel te ontwikkelen van een irritante luis tot een serieuze parasiet waardoor ze nu tot in de diepere krochten van Brussel  verschrikkelijk veel jeuk hebben. En dat is knap. Hiermee schrijft hij niet alleen geschiedenis, maar ook een andere toekomst voor Nederland.  Jan Roos –je mag hem of je mag hem niet- maar liet iedereen zien dat je als klein landje nog steeds hele grote dingen kunt doen, zelfs al komt er bijna niemand op dagen. Dat is groots. En met een beetje geluk leert Jan Roos nu ook zien hoe belangrijk het is dat ook een minderheid binnen een goedlopende democratie een belangrijke en doorslaggevende stem kan hebben. Want dat is iets wat Quincy Gario hem ten slotte al heel erg lang probeert uit te leggen. Mocht ook Jan nu tot dit inzicht zijn gekomen,  dan hebben we vandaag op Oekraïne na dan, uiteindelijk toch allemaal een beetje gewonnen. Dus Jan, bij deze, het piept en het kraakt, maar jij ging staan voor iets en liet anderen zien dat dit altijd zinvol is. Daarvoor mijn oprechte felicitaties en op naar een volgende rel!

Advertenties